“Alle arbocatalogi zijn vrijwel af. Ze zijn behoorlijk volledig, daar kan de bouw trots op zijn”, constateert Jan Warning, directeur van Arbouw.
Hier is het format voor de arbocatalogi in de bouw bedacht.
“Hoe vaak vraagt een werknemer zich niet af of iets kan of mag en of er hulpmiddelen zijn? De arbocatalogus geeft het antwoord. Daarom is het zaak dat veel werknemers de arbocatalogus leren kennen”, zegt Jan Warning, directeur van Arbouw.
Een arbocatalogus is eigenlijk semi wetgeving: een set afspraken tussen werkgevers en werknemers die wordt gehandhaafd door de Arbeidsinspectie. Jan Warning: “Overal worden helmen en veiligheidsschoenen gebruikt. maar het kan beter werknemers worden nog onvoldoende geattendeerd op andere hulpmiddelen.
TOPPRIORITEIT
Als het aan mij ligt wordt onze topprioriteit dat de hele sector gebruikt maakt van onze inzichten en kennis”, aldus de nieuwe directeur van Arbouw.
Hoe gaat Arbouw die kennis verspreiden?
“Daarvoor hebben we vakbonden, werkgevers en arbodiensten nodig. Vakbonden spelen een grote rol om te zorgen dat mensen gezond hun pensioen halen.
Maar we moeten ook meer kennis opbouwen over goede ervaringen en hoe je belemmeringen kunt opheffen. Zijn hulpmiddelen toepasbaar en worden ze gebruikt?
Probleem is vaak een ontoegankelijk of onbegaanbaar bouwterrein. Een glaszetter heeft niets aan een tilapparaat als er een steiger voor het raam staat. Menigeen vindt het op korte termijn een nadeel als een hulpmiddel langzamer werkt dan gewoon even tillen”.
TOEKOMSTMUZIEK
Gaat Arbouw het gebruik van arbocatalogi volgen?
“Samen met onze dragende organisaties komen er bijeenkomsten waarin we werknemers wegwijs maken. Naast de ingangen risico en functie willen we een extra ingang ontwikkelen: het proces. Dus de fundering, of het dak”.
Gaat dat al een beetje richting bouwplaatscatalogus?
“Daarover moeten we nog goed nadenken, maar het lijkt mij wel. Qua uitstraling zou het wel wat hebben. Ik heb de indruk dat werknemersorganisaties meer voor een complete catalogus zouden zijn en Bouwend Nederland meer voor afspraken tussen hoofd en onderaannemers”.
OM DE TWEE JAAR VERNIEUWEN
Voor werkgevers is van belang te weten: Als ik me aan de catalogus houd krijg ik geen gedonder met de Arbeidsinspectie.
“De arbocatalogus moet leven en wordt met een beetje geluk om de twee jaar vernieuwd. Ook met ervaringen van werknemers. Iemand ziet er iets in staan dat hij onhandig vindt, of kan iets dat hij mist doorgeven aan een preventiemedewerker,”aldus Warning die het bijzonder vindt hoevelen truckjes en hulpmiddelen ontwikkelen. “Dat zelfbedachte heeft iets romantisch. De hulpmiddelen die zich bewezen hebben zijn te zien op onze fantastische website met arbovriendelijke hulpmiddelen”.
Catalogi beheren lijkt geen klein klusje.
“Nee, maar dat is wel onze taak ook gezien ons doel proberen zuinig te zijn op schaarse mensen. Zorgen dat vakmanschap lang kan worden ingezet en een interessante uitstraling voor jongeren. Bovendien: de Arbeidsinspectie doet een marginale toets”.
BRANCHE
Een arbocatalogus is typisch iets voor een branche want het sluit onderlinge concurrentie op gezondheid uit. “Daarom stemde de vakbeweging in met deze vernieuwing van de Arbo-wet. Gelukkig hebben de bonden de plannen van de vorige minister redelijk weten te kanaliseren. Oorspronkelijk wilde hij alles wat niet uit Europa kwam eruit halen en hij speelde met de gedachte alleen de prioritaire risico’s waaraan je dood ging of blijvend gehandicapt werd op te nemen. Op bedrijfsniveau heb je risico inventarisatie en VG plannen binnen het kader van de arbocatalogus”, aldus Jan Warning.
” De gang van zaken wordt als volgt: De overheid geeft bijvoorbeeld een aantal algemene bepalingen in hoeverre werkgevers moeten voorkomen dat werknemers zwaar tillen. Vervolgens gaan we in branches praktische maatregelen afspreken hoe we dit in deze branche kunnen realiseren. De AI inspecteert op basis van de catalogus. Aan die semiwetgeving worden bedrijven gehouden”.
Verder lezen: Doordat ik jarenlang binnen de polder actief was leerde ik open te staan voor argumenten van de andere kant. Je was afhankelijk van hetgeen je leden willen zoals we hier afhankelijk zijn van de plannen van twee partijen. Je kunt er wel iets in sturen maar niet veel”. Warning hield zich als baas van FNV Bureau Beroepsziekten bezig met met werkdruk, rsi en nieuwe beroepsziekten totdat hij dit jaar directeur Arbouw werd. “Bureau beroepsziekten brengt een hele loopbaan in kaart om te zien waar de beroepsziekte ontstond”.
Het lijkt haast of Arbouw de rol van de overheid heeft overgenomen.
“Je bent een soort semi overheid voor de bedrijfstak aan het worden en het is de vraag of je dat wilt, maar ik vind het wel spannend om mee te maken”.
Zijn de tijden voor arbo nu erg slecht? De Arbeidsinspectie kan dan alleen handhaven op die twee risico’s?
“Bouwbedrijven moeten op de centen letten en zitten niet te wachten op extra investeringen. Maar politiek gezien wordt er veel gesproken over zwaar werk, dus het is heel actueel. Ook wordt bouwbreed beseft dat je zuinig moet zijn op je werknemers”.
De arbocatalogus maakt het ook mogelijk voor de bedrijfstak dingen te bedenken. Al kun je veel knippen en plakken, nadeel is dat in elke bedrijfstak hetzelfde wiel wordt uitgevonden waar vroeger het ministerie landelijk iets bedacht. Of dat wel zo efficiënt is en diepgang heeft?
Niet alle bedrijfstakken zijn gezegend met een club als Arbouw, sommigen hebben nog geen catalogus of voor slechts twee risico’s. Dat schiet niet op”.
Donner heeft in het laatste Kamerdebat wel toegezegd dat dan het oude niveau van voor de afschaffing van de beleidsregel door de arbeidsinspectie wordt gehanteerd. Hoe dat wettelijk stand houdt is de vraag. Maar de bouw heeft een goede arbocatalogus, dus hier speelt dat niet”.
